Leren leerlinggerichte vragen stellen: duurt jaren

Je kunt als leraar twee soorten vragen stellen:

  1. vragen waar jij het antwoord al op weet en je wilt checken of de leerling het ook al of nog weet;
  2. vragen waar jij het antwoord niet op weet en waarbij je benieuwd bent naar het antwoord.

Leraargericht

De eerste soort vragen zijn leraargericht en leveren korte antwoorden op (het goede antwoord als het goed gaat, het verkeerde als de leerling het niet meer weet, een gegokt antwoord kan ook). Het is een variant van een formatieve toets, want je kunt er als leraar mee meten op welk niveau de basiskennis van de leerling zich ongeveer bevindt.

Voorbeeld: Welke drie dingen heb je nodig om brand te krijgen?

Leerlinggericht

De tweede soort vragen zijn leerlinggericht en veel uitnodigender, want ze vragen de leerling iets wat de leraar niet kan weten. Er is een echt antwoord nodig, niet per se een reproductie van een feit.

Voorbeeld: Wat denk jij dat er allemaal voor nodig is om ergens brand te laten ontstaan?

Dit zijn mooiere vragen omdat het de leerling veel meer betrekt bij het leerproces (Veenker, 2017). Het zijn geen toetsvragen maar interactie-uitnodigingen. Waar ook de andere leerlingen wat van leren, want die horen de redenering van een klasgenoot.

Om als leraar deze tweede categorie vragen te leren stellen is pittig. En het schiet bij het les geven ook nog eens niet erg op, want leerlingen nemen veel meer antwoordtijd bij de tweede categorie vragen dan bij de eerste (Oliveira, 2010).

De leraar zit in de weg

Zolang jij jezelf als leraar ziet, maak je het jezelf niet makkelijk om leerlinggerichte vragen te leren stellen.

Het doel: “Ik wil als leraar leren veel meer leerlinggerichte vragen te stellen tijdens de les“, kan je makkelijk op een jaar of twee, misschien drie komen te staan om je eigen te maken.

Dat komt door de woorden: leraar; leerling en les. Die context is gericht op toetsvragen. Op meten wat de leerling weet. Om via een les als leraar de leerling dingen te leren en dan te controleren of dat is gelukt. In dit rollenspel van een les, ben jij als leraar de baas, houdt de orde en hebt het liefst alles onder controle. Aan het eind van de Engelse les over het werkwoord “Have”, moeten ze dat gewoon helemaal weten. Anders loop je meteen achter op jouw lesschema.

Snel leren leerlinggerichte vragen stellen

Snel leren  leerlinggerichte vragen stellen kan wel, maar dan moet de hiërarchische context van de les en de rol van leraar en leerling even terzijde geschoven worden. Want in de les ben jij ook de baas. Als ze niet goed opletten, roep je ze tot de orde. Als ze dan nog niet willen luisteren, pak je ze aan.

Vlak daarna een leerlinggerichte vraag stellen, werkt dan niet erg goed.

Laat jouw rol als leraar even weg. En kijk eens hoe makkelijk het dan wordt. Want het doel: “Ik wil leren anderen vragen stellen waarop ik het antwoord niet weet”, dat is prima haalbaar. Neemt geen jaren, een uur of twee is echt wel genoeg. Als je goed ontwikkeld begrijpertje hebt, ben je in een kwartiertje wel klaar.

Het gaat om twee stappen bij het bedenken van vragen waar jij het antwoord niet op weet:

  1. Bedenk een vraag die toepasselijk is, waar het goed is om gedachten over uit te wisselen, waar jij wat over weet en waar je graag wilt dat de ander er ook wat over te weten komt. Houd de vraag in jouw hoofd en spreek deze niet uit.
  2. Voeg – ongeacht waar jouw vraag over gaat – de woorden “…wat denk jij…” aan het begin van de vraag toe, zodat je niet meer vraagt naar een feitelijk antwoord, maar naar de gedachten in het hoofd van de ander over het onderwerp.

Je mag variëren met de “…wat denk jij…”. Bijvoorbeeld: “…waarom denk je dat <iets> gebeurt…”, “…hoe denk jij dat <iets> werkt…”. In elk geval vraag je altijd naar de gedachten of de mening van de ander. Want die kún jij nog niet weten.

Het antwoord is structureel langer dan als je naar een feitelijkheid vraagt waar jij het antwoord al op weet (Oliveira, 2010). Want de ander denkt nu dat jij interesse hebt in wat zij er als persoon over denken. Dat je nieuwsgierig bent naar hoe erover wordt gedacht.

Nieuwsgierig moet je dan ook wel oprecht zijn, natuurlijk.

Nieuwsgierig naar de ander

Vanuit de nieuwsgierigheid van jouw vraag, krijg je een antwoord waarmee je makkelijk en vrij nauwkeurig kunt bepalen hoe de ander denkt over de kwestie en wat deze daar al over weet. Vanaf dat antwoord kun je goed verder vragen. Of een eigen mening aanbieden en kijken hoe die valt. Waarna je het stellen van andergerichte vragen weer oppakt.

Ook kun je goed de groep erbij betrekken door om alternatieve denkpaden of meningen te vragen. De klas krijg je daarmee aan het denken en dat is mooi leren.

Andergerichte vragen

Als je nieuwsgierig bent naar de ander, dan stel je andergerichte vragen. Waar de ander het antwoord wel op weet, maar jij nog niet. Dat geeft een gesprek, een ontmoeting, een interactie. Die jullie beiden wat leert.

Er is geen leraar in deze interactie en er is ook geen leerling. Die twee rollen staan alleen maar in de weg. Het zijn twee mensen. Die elkaar wat te leren hebben.

Andergerichte vragen stellen kun je snel leren. Kwartiertje. Hoe je dat toepast in jouw lessen waar jij de leraar bent, dat mag dan nog wel een paar jaar oefenen nemen. Dat duurt namelijk totdat je het leraar zijn hebt geleerd te doseren  en het gewoon mens zijn weer hebt omarmd.

Mijn vraag aan jou

Hoe denk jij dat je het beste leerlinggerichte vragen kunt leren stellen? Of als je die vraag wat te zwaar vindt: hoe denk jij dat het starten van een vuurtje werkt?

Laat me jouw idee hierover hieronder in een reactie zien. Dan bomen we er samen even over…

Literatuur

Vraag | www.talentontwikkelingendiversiteit.nl

10 antwoorden op “Leren leerlinggerichte vragen stellen: duurt jaren”

    1. Hoi Fenny, fijn dat je het leuk vindt. Als jij je inschrijft voor de nieuwsbrief, dan krijg je regelmatig updates over nieuwe berichten op deze blog.

      Vriendelijke groet, Mark

  1. Dag Mark, morgen ga ik filmen in mijn les. Zou even quick scan doen waar ik in mijn les specifiek op moet letten met het stellen van vragen (heb immers college gemist). Door het lezen van je blog kan ik morgen wel aan de slag.
    Thnks

    1. Hoi Nynke,
      Leuk dat de blog je zo heeft geholpen. Ik behandelde maar twee typen vragen. Er zijn er meer, zag ik in “Talentgerichte ontwikkeling op de basisschool” van Veenker e.a. Dit is het lijstje dat ik daaruit oppikte:

    2. – gesloten vragen – maar één antwoord juist
    3. – open vragen – meerdere antwoorden mogelijk
    4. – leerlinggerichte vraag – geven ruimte en zoeken naar nadenken, redeneren en respons geven
    5. – leerkrachtgerichte vraag – zoeken naar het goede antwoord
    6. – initiërende vragen – starten een onderwerp/gedachtenlijn
    7. – doorvragen – zijn voortzetting op het vorige vraag-antwoord-paar
    8. – cognitief conflict – vraag gebaseerd op een tegenstelling
    9. Hoop dat je hier nog wat mee kan. Succes met filmen en zo.

      Vriendelijke groet, Mark

  2. Hey Mark!
    Wat een leuk initiatief! Ik zal me gelijk inschrijven voor je nieuwsbrief…….ik ga je zeker volgen 🙂

    groetjes, Anky

  3. Ha Mark,

    Hier een medestudent uit het tweede jaar van de master, leuk om je blog te ontdekken, ik ga je volgen. Ben de module Interactie nog aan het afronden, dus zit met dezelfde overpeinzingen, vragen en inzichten!

    Groet en succes,

    Allard

    1. Hai Leo, dank voor jouw reactie. Ik geloof dat het onderwijs dit aspect van type vragen stellen nog nooit filosofisch bekeken heeft. Maar alleen vanuit leerrendement. Leuk perspectief en grappig hoe jouw wereld en de mijne overlap laten zien.
      Vriendelijke groet, Mark

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *